observeren

Verscheen eerder in Brabants Centrum, 8 augustus 2019

Tegenover ons op de camping staat een Duitse familie met vier hockeydochters en ik weet zeker dat hun vakantiefotoalbum straks niet het vakantieverhaal vertelt dat wij zien. Hun album vertelt het verhaal van de vakantie die ze eigenlijk hadden willen vieren. Maken ze foto’s dan zijn ze glimmend vrolijk. Maar staan de camera’s uit dan klinken ze meer als Rammstein.

Ik zit hier voor onze tunneltent met mijn notablok op schoot en observeer de ruis van hun gezinsleven. Dat leven dat niet uitsluitend uit Kodak-moments bestaat. Zou het pubermeisje, als ze wist dat ik haar nu zat te beschrijven, haar woorden censureren? Zouden haar ouders hun reprimandes uit opvoedboekjes gaan citeren? Mensen gaan soms krampachtig gedrag vertonen als ze teveel geobserveerd worden door deskundigen met observatiechecklijsten. Dat zie je aan kinderen (en hun ouders) die teveel therapie krijgen.

Mijn zoon tikt me aan: ‘Mama, schrijf je ook een keer over mijn handenkamp? Dat het zo fijn is dat iedereen gewoon hetzelfde is, ongeveer? Dat ik voortaan een basketbal met twee handen kan vangen, en mijn hand kan uitsteken op de fiets?’ Maar dat wil ik niet. Ik laat hem er liever zelf over vertellen. Tijdens die revalidatieweek voor kinderen met een eenzijdige spastische verlamming wordt hij al zo intensief bekeken en beschreven. ‘Nee,’ zeg ik daarom en leg hem uit waarom. Daarna vraag ik of hij gezellig meegaat naar de campinganimatie. Hij draait met zijn ogen. ‘Je weet dat ik Tsjoe Tsjoe Wa verschrikkelijk vind.’

Naast mijn dochter danst een kleutermeisje opvallend natuurlijk mee: ‘Vuisten maken, voeten naar binnen, tong naar buiten.’ Haar moeder volgt mijn blik, en zegt nogal krampachtig: ‘Ze gebruikt haar linkerhandje bijna niet. Ook haar linkerbeentje doet niet mee. Ze heeft….’ Ik vul haar aan. Cerebrale Parese is de meestvoorkomende lichamelijke handicap bij kinderen, maar toch vind ik het toevallig dat ik net naast deze moeder sta. Moet ik dan toch een verhaal over dat handenkamp schrijven? Nee, dat doet hij zelf maar. Terug naar de Duitsers. Kijken of ik alle vooroordelen op mijn lijstje kan aanvinken. Humor? Nee! Check!

when all hell breaks loose

Op deze foto zit ik rustig te lezen met mijn voeten in het stromende water van de Our. De kinderen zijn verderop in de weer met stenen. Het was vlak voordat het op de camping twee weken ging regenen. Heerlijk ontspannen, alsof het altijd zo zou blijven.

Naast ons stond een gezin met een puberdochter. Ze verveelde zich. Het enige dat ze leuk vond was haar haren wassen in de rivier. Ze riep uitbundig: ‘Je haar gaat ervan glanzen!’ Ik glimlachte, knikte. Daarna las ik verder in het boek ‘When all hell breaks loose’.

Cody Lundin vertelde dat je niet zomaar water uit een rivier kunt drinken. Opstroom kan er namelijk een rottende koe liggen. Ik las over bacteriën, virussen en schimmels. Ik keek op naar het meisje dat haar hoofd onderwater hield. Ik dacht: zal ik haar dit voorlezen? Maar ze keek zo opgewekt toen ze weer boven water kwam. Ik las verder over huis-tuin-en-keukenmiddeltjes waarmee je water kunt zuiveren zodat je het veilig kunt drinken. Cody is niet het type dat geld verdient door jou bang te maken met doemscenario’s (je kent die types vast wel).

Het is een heerlijk boek voor op de camping. Het gaat over wat je als familie nodig hebt om rampen te overleven. Het gaat over lichaamstemperatuur, voeding en hydratatie. Maar een ander belangrijk onderdeel is psychologie. Weten hoe je voorbereid kunt zijn, weten wat in het leven belangrijk is. Weten hoe je midden in een ramp helder en ontspannen kunt blijven. Maar vooral: vertrouwen op eigen kracht. Ik had het eerder willen lezen. Dat had me een hoop stress gescheeld, die eerste jaren.

De volgende dag begon het te regenen op de camping. Maar door het lezen van dit boek was ik voorbereid.